Terugwinning bij de toiletten

Terugwinning bij de toiletten

Fosfaat kan uit het afvalwater worden gewonnen door bij de toiletpot de urine apart op te vangen. Deze methode heet decentrale sanitatie. Hiervoor zijn speciale toiletten ontworpen, die de urine van de ontlasting scheiden en de urine zo onverdund mogelijk opvangen. De fosfaten kunnen worden teruggewonnen door kristallisatie.

Voordelen

Decentrale sanitatie heeft voordelen die ook buiten de fosfaatterugwinning liggen. Door gescheiden inzameling van urine wordt het eenvoudiger om ammonium (stikstof) uit afvalwater te halen. Ongeveer 85% van het stikstof in afvalwater komt namelijk uit de urine. Dit proces kost de Nederlandse waterschappen veel geld. Op de rioolwaterzuiveringsinstallaties (RWZI’s) wordt veel energie aangewend om ammonium uit afvalwater te halen. Bij gescheiden inzameling van urine zullen de RWZI’s zelfs een beetje meer energie gaan produceren dan ze verbruiken. Verder bevat veel urine medicijnresten. Dankzij de gescheiden inzameling zijn deze meteen uit het afvalwater.

 

Nadeel

Nadeel van deze methode is dat er evenveel bronnen als huishoudens zijn. Het aanleggen van aparte toiletten en organiseren van een speciale infrastructuur kost veel geld. Aan deze bezwaren kan voor een deel tegemoet worden gekomen. Denk aan het inzamelen van urine op plekken waar grote hoeveelheden worden geproduceerd, zoals bij theaters, stadions en ziekenhuizen. De urine wordt vervolgens naar speciale zuiveringsinstallaties gebracht. Bij deze aanpak gaat nog steeds een aanzienlijk deel van de fosfaat verloren. Ander bezwaar is de weerstand tegen gescheiden afvalinzameling. Bij decentrale sanitatie moeten namelijk ook mannen zittend urineren. Verder bevat de urine maar de helft van alle fosfaat die in het riool terecht komt. Ook de ontlasting bevat namelijk nog veel fosfaat.